Hechtingsproblematiek bij kinderen: oorzaken, kenmerken en gevolgen

hechtingsproblematiek bij kinderen

De hechtingrelatie tussen een kind en belangrijke andere speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling tot een gezonde volwassene. Wanneer een kind veilig is gehecht helpt dit bij het vormen van gezonde relaties en het welzijn van een persoon. Sommige kinderen hebben moeite met het ontwikkelen van een veilige en gezonde hechting, wat kan leiden tot hechtingsproblematiek. In dit artikel zullen we dieper ingaan op hechtingsproblematiek bij kinderen, inclusief de oorzaken, signalen en gevolgen.

Wat is hechting?

Hechting verwijst eigenlijk naar de relatie die je als ouder hebt met je kind. Ieder kind heeft direct na de geboorte iemand nodig die bescherming geeft, het kind helpt omgaan bij zijn emoties en het kind leert hoe de wereld in elkaar steekt. Dit kan gaan om ouders, verzorgers maar ook leerkrachten en belangrijke anderen. Hoe een kind zich aan een persoon hecht, kan verschillend zijn. Hoe een kind gehecht is aan zijn ouders is afhankelijk van de mate waarin ouders sensitief en responsief reageren naar hun kind.

Sensitiviteit en responsiviteit zijn belangrijk voor het opbouwen van een veilige hechtingsrelatie met een kind. Wanneer ouders sensitief en responsief zijn, voelt het kind zich begrepen, geliefd en veilig. Het creƫert een basis van vertrouwen waarop het kind kan bouwen terwijl het opgroeit. Het is belangrijk om te benadrukken dat sensitiviteit en responsiviteit niet betekenen dat ouders altijd perfect moeten zijn of dat ze altijd onmiddellijk moeten reageren. Het gaat erom dat ouders zich bewust zijn van de behoeften van hun kind en hun best doen om hierop te reageren op een manier die passend is. Het gaat om de intentie en inzet om een liefdevolle en ondersteunende relatie met het kind op te bouwen.

Sensitiviteit

Sensitiviteit verwijst naar het vermogen van ouders om de behoeften, signalen en emoties van het kind op te merken en hier juist op te reageren. Het gaat om het hebben van gevoeligheid en aandacht voor wat er in het kind omgaat.

Responsiviteit

Responsiviteit houdt in dat ouders op een liefdevolle en attente manier reageren op de behoeften en signalen van het kind. Het gaat om het bieden van troost, geruststelling, bevestiging en ondersteuning wanneer het kind dat nodig heeft. Responsiviteit betekent ook dat ouders en verzorgers beschikbaar zijn voor het kind, zowel fysiek als emotioneel.

Gehechtheidspatronen

Gehechtheidspatronen verwijzen naar de specifieke manieren waarop kinderen reageren op de hechtingsrelatie met hun ouders. Deze patronen ontstaan ā€‹ā€‹als gevolg van de interacties en ervaringen die het kind, maar ook ouders, hebben gehad in de vroege kindertijd. Ze kunnen van invloed zijn op hoe het kind relaties aangaat, zichzelf waardeert en omgaat met emoties. Er zijn drie verschillende categorieĆ«n van gehechtheid, namelijk veilig, onveilig en gedesorganiseerd. Deze categorieĆ«n worden hieronder nader uitgelegd.

Veilige hechting

Een veilige hechtingsrelatie tussen kind en ouder betekent dat het kind zelfstandig op onderzoek durft uit te gaan, maar ook wanneer het kind stress ervaart de ouder weer opzoekt voor veiligheid en troost. Kinderen met een veilige gehechtheid hebben vertrouwen in hun ouders. Ze voelen zich comfortabel bij het verkennen van hun omgeving, wetende dat ze altijd terug kunnen vallen op de steun van hun ouders in tijden van stress. Ze weten hoe ze om moeten gaan met hun emoties, al dan niet met hulp van de ouder, en hebben gezonde relaties met anderen.

Onveilige hechting

Er zijn twee vormen van onveilige hechting. De angstig-vermijdende vorm en de anstig-ambivalente vorm.

Angstig-vermijdende gehechtheid: Kinderen met een angstig-vermijdende gehechtheid hebben geleerd om hun behoeften te onderdrukken en zichzelf te redden. Ze vermijden vaak nabijheid en steun van anderen, omdat ze hebben ervaren dat ze niet altijd betrouwbaar beschikbaar waren. Ze kunnen het moeilijk vinden om zich kwetsbaar op te stellen en hebben soms moeite met het aangaan van diepe emotionele relaties.

Angstig-ambivalente gehechtheid: Kinderen met een angstig-ambivalente gehechtheid hebben een sterke behoefte aan nabijheid en bevestiging van hun ouders, maar hebben ook moeite met het vertrouwen dat ze altijd beschikbaar zullen zijn. Dit betekent dat het kind niet zo goed leert wat het denkt, voelt en wil. Emoties zijn daarom vaak extreem van aard waarbij het kind zich zeer aanhankelijk op kan stellen bij de ouder. Daarbij kunnen ze ook boos zijn richting de ouder, ondanks dat de ouder erg zijn best doet om het kind te troosten. Ze kunnen zich bezorgd en onzeker voelen over de relatie en hebben de neiging om ambivalent gedrag te vertonen, waarbij ze soms toenadering zoeken en andere keren afstandelijk zijn naar de ouder.

Gedesorganiseerde hechting

Kinderen met een gedesorganiseerde gehechtheid hebben vaak ervaringen gehad die verwarrend en traumatisch waren. Ze kunnen inconsistente reacties van hun ouders hebben ervaren. Vaak zijn ouders door eigen (traumatische) ervaringen of stress niet in staat de behoeften van hun kind op te merken en zich te verplaatsen in de denkwereld van het kind. Hierdoor zijn de op sommige momenten wel beschikbaar voor het kind en op andere momenten helemaal niet. De ouder is vaak de veroorzaker van de stress bij het kind. Een ouder kan bijvoorbeeld angstig reageren als het kind een boze bui heeft of het kind zijn emoties juist volledig negeren. Kinderen kunnen hierdoor verwarrend gedrag gaan vertonen. Het kind kan zich ineens vastklampen aan de ouder, maar op het ander moment zich afweren naar de ouder.

Oorzaken van hechtingsproblematiek

Er zijn verschillende oorzaken die kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van hechtingsproblematiek. Belangrijk om te benadrukken is dat een hechtingsrelatie tussen ouder en kind niet vast staat, maar kan wisselen per situatie of hoe de ouder zich voelt. Het is niet zwart-wit en er is ook altijd een mogelijkheid om de gehechtheidrelatie te herstellen. De gehechtheidsrelatie kan tijdelijk onder druk komen te staan door vervelende gebeurtenissen, zoals: een scheiding, overlijden van partner/familielid en een burn-out, waardoor de ouder tijdelijk niet emotioneel beschikbaar is voor een kind. Het kan dan voorkomen dat een kind tijdelijk gedesorganiseerd gehecht is, maar onderliggend een veilige hechtingrelatie heeft opgebouwd met de ouder. Daarnaast kan de hechtingrelatie per ouder en per kind verschillen binnen het gezin. Een kind kan bijvoorbeeld (tijdelijk) onveilig gehecht zijn met moeder, maar wƩl een veilige gehechtheidsrelatie met vader hebben. Er zijn wƩl factoren die het risico op hechtingsproblematiek vergroten:

Kind factoren

Problemen in de ontwikkeling bij een kind kan een risicofactor zijn op het ontwikkeling van hechtingsproblematiek. Dit komt omdat deze kinderen vaak de signalen anders uiten door een lichamelijke of mentale beperking. Hierdoor kan het voor ouders lastig zijn deze signalen juist op te merken en te beantwoorden. Bij problemen in de ontwikkeling zou je kunnen denken aan: ADHD, autisme of een licht verstandelijke beperking.

Ook onverwerkt verlies of traumatische ervaringen kunnen ervoor zorgen dat het een kind niet lukt een veilige gehechtheidsrelatie aan te gaan met de ouder. Hierbij kan gedacht worden aan mishandeling, verwaarlozing, uithuisplaatsing of veel opnames in het ziekenhuis door ziekte.

Ouderfactoren

Psychische problemen bij de ouder zoals een depressie, angst stoornis, ADHD, autisme of een verslaving kan voor problemen zorgen in de gehechtheidsrelatie. Een ouder kan volledig in beslag worden genomen door de eigen problematiek, waardoor het voor de ouder lastig is de signalen die het kind afgeeft juist op te merken. Een ouder kan moeite hebben zich te verplaatsen in de gedachten en gevoelens van het kind en heeft meer moeite om met negatieve emoties van het kind om te gaan, zoals driftbuien.

Ook onverwerkt verlies of traumatische gebeurtenissen bij de ouder kan ervoor zorgen dat een ouder minder beschikbaar is voor een kind. Wanneer een ouder een trauma heeft opgegaan kan de ouder de trauma herbeleven met de extreme emoties. Een trauma kan ook gaan om de eigen relatie die de ouder met zijn eigen ouders heeft. Wanneer de ouder een onveilige gehechtheidsrelatie met eigen ouders heeft gehad, is het voor een ouder moeilijk om dit patroon te doorbreken en juist op de signalen die het kind afgeeft te reageren.

Omgevingsfactoren

Omgevingsfactoren zoals huiselijk geweld en relatieproblemen tussen ouders kunnen ervoor zorgen dat een kind zich niet op een veilige manier kan hechten. Het kind staat hierdoor op de ‘overlevingsstand’. Een of beide ouders zijn in deze situaties vaak fysiek of emotioneel afwezig, wat een bron van stress oplevert voor het kind. Ook financiĆ«le problemen en problemen met huisvesting kunnen ervoor zorgen dat de ouder minder beschikbaar is waardoor de gehechtheidsrelatie tussen ouder en kind onder druk komt te staan.

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief šŸ“Ŗ

Maandelijkse schrijven wij een stukje voor in je mailbox met actualiteiten, onze nieuwste artikelen & de leuke tips van producten die wij zijn tegengekomen.

    Kenmerken van hechtingsproblematiek

    Het herkennen van de kenmerken van hechtingsproblematiek is essentieel om tijdig de juiste ondersteuning te bieden. Enkele veelvoorkomende kenmerken zijn:

    Vermijding of afwijzing van intimiteit

    Een van de kenmerken van hechtingsproblematiek bij kinderen is dat ze vaak intimiteit vermijden of afwijzen. Ze kunnen terughoudend zijn om dichtbij anderen te komen en hebben moeite met het aangaan van emotionele verbindingen. Dit kan zich uiten in het vermijden van knuffels, kusjes of andere vormen van fysiek contact.

    Moeite met vertrouwen

    Kinderen met hechtingsproblematiek hebben vaak moeite met vertrouwen. Ze kunnen wantrouwend zijn naar anderen toe, zelfs als er geen directe aanleiding voor is. Ze kunnen het moeilijk vinden om anderen te geloven en zich onzeker voelen over de betrouwbaarheid van de mensen om hen heen. Hierdoor kunnen ze afstandelijk gedrag vertonen en zich emotioneel terugtrekken.

    Problemen met het reguleren van emoties

    Het reguleren van emoties is een uitdaging voor veel kinderen met hechtingsproblematiek. Ze kunnen moeite hebben om hun emoties te begrijpen en te beheersen, waardoor ze snel van stemming kunnen veranderen. Ze kunnen intense woede-uitbarstingen hebben, moeite hebben met het kalmeren van zichzelf en zich overweldigd voelen door hun eigen emoties.

    Sociale problemen en relatieproblemen

    Kinderen met hechtingsproblematiek kunnen ook sociale problemen en relatieproblemen ervaren. Ze kunnen moeite hebben om vriendschappen te sluiten en langdurige relaties op te bouwen. Ze kunnen problemen hebben met het begrijpen van sociale signalen, waardoor ze moeite hebben om zich aan te passen aan sociale situaties. Dit kan leiden tot gevoelens van eenzaamheid en isolement.

    Behoefte aan controle en autonomie

    Een ander kenmerk van hechtingsproblematiek bij kinderen is een sterke behoefte aan controle en autonomie. Ze kunnen het moeilijk vinden om anderen te vertrouwen om voor hen te zorgen en hebben de neiging om alles zelf te willen doen. Ze kunnen ook problemen hebben met het accepteren van hulp of het vragen om ondersteuning.

    Gevolgen van hechtingsproblematiek

    Emotionele en psychologische Impact

    Een van de belangrijkste gevolgen van hechtingsproblematiek bij kinderen is de emotionele en psychologische impact. Kinderen met hechtingsproblematiek kunnen worstelen met intense emoties zoals angst, verdriet en woede. Ze kunnen moeite hebben om hun emoties te begrijpen en te reguleren, wat kan leiden tot emotionele uitbarstingen en stemmingswisselingen.

    Problemen met zelfbeeld en eigenwaarde

    Hechtingsproblematiek kan ook invloed hebben op het zelfbeeld en de eigenwaarde van kinderen. Ze kunnen negatieve overtuigingen ontwikkelen over zichzelf, zoals het gevoel niet geliefd of waardevol te zijn. Deze negatieve zelfbeelden kunnen van invloed zijn op hun zelfvertrouwen en hun vermogen om positieve relaties aan te gaan.

    Problemen in het aangaan van relaties

    Kinderen met hechtingsproblematiek kunnen moeite hebben met het aangaan en onderhouden van gezonde relaties. Ze kunnen moeite hebben om anderen te vertrouwen en kunnen zich terugtrekken uit sociale interacties. Dit kan leiden tot gevoelens van eenzaamheid en isolatie, waardoor hun sociale en emotionele ontwikkeling wordt belemmerd.

    Invloed op cognitieve ontwikkeling en gedrag

    Hechtingsproblematiek kan ook gevolgen hebben voor de cognitieve ontwikkeling en het gedrag van kinderen. Ze kunnen moeite hebben met concentratie, aandacht en het leren van nieuwe vaardigheden. Daarnaast kunnen ze gedragsproblemen vertonen, zoals impulsiviteit, agressie of teruggetrokkenheid. Deze gedragsproblemen kunnen het functioneren op school en in andere sociale omgevingen beĆÆnvloeden.

    Professionele hulp bij hechtingsproblematiek

    Problemen in de hechting kan een uitdagende situatie zijn voor zowel kinderen als ouders. Het is belangrijk voor ouders om de juiste ondersteuning en begeleiding te krijgen om hen te helpen de gehechtheidsrelatie te verbeteren of te herstellen. Zoek professionele hulp via de huisarts of het wijkteam als je als ouder een vermoeden hebt van hechtingsproblematiek tussen jou en je kind.

    Veelgestelde vragen

    Over de auteur

    Deel je ervaring!

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    Scroll naar boven